Slapen. Heerlijk. Lekker bed. Warm. Koud buiten. Dromen. TRRRRRRIIIINNNG!!! Tijd om wakker te worden, het heerlijke warme zachte bed uit te komen, te ontwaken uit die leuke droom en de harde realiteit, de echte wereld, in te stappen. Op automatische piloot aankleden, tanden poetsen, koffie zetten, opslurpen, spullen inpakken en haastend de deur uit. Slaperig en duf in de trein zitten om vervolgens slaperig en duf op plek van bestemming te komen.

Pas uren later, na nog meer koffie, begint het wakker worden. De dufheid en slaperigheid verdwijnt langzamerhand naar de achtergrond, maar sluipt heel sneaky weer naar voren wanneer er een saaie taak volbracht dient te worden. Je wilt niets liever dan weer terug het bed in en heerlijk doormaffen (en die ene leuke droom weer herbeleven). Helaas pindakaas, het is nog lang geen tijd om naar huis te gaan.

Herkenbaar? Vast. Het is algemeen bekend dat het merendeel van de Nederlandse bevolking moeite heeft met vroeg opstaan (en vroeg gaan slapen). Helaas is de maatschappij er zo op ingesteld dat wij wel moeten. Werktijden van 9 tot 5 en hoorcolleges om 08.45 (zou verboden moeten worden) dwingen ons om onszelf door deze ellende heen te slepen. Men zegt echter dat alles went, ook vroeg opstaan. Uit ervaring wil ik dit graag tegenspreken. Het went niet. Althans, niet in de zin van dat het geen moeite meer kost en je niet meer kan voorstellen hoe het eerder was. Want moeite met vroeg opstaan zal altijd blijven. Dat ochtendhumeur zal nooit weggaan. Het grote inkakmoment na de lunch zal nooit verdwijnen. Het aantal uren aftellen voordat de werkdag voorbij is blijft altijd op de achtergrond. Het voornemen om die avond vroeg het bed in te duiken blijft altijd bij een voornemen. Wekker(s) meerdere malen snoozen (“nog heel eventjes”) om vervolgens erachter te komen dat er heel erg gehaast moet worden blijft ook een gewoonte. Waarom? Omdat het voorgeprogrammeerd is: eens een nachtmens, altijd een nachtmens.

In Spanje begrijpen ze dat met hun siësta: een middagdutje om bij te komen om vervolgens later op de dag er weer energierijk aan het werk te gaan. Waarom niet dit ritme afkijken van de señors en señorita’s? Scheelt hoogstwaarschijnlijk een heleboel energydrinks en koffie. Ochtendmensen en nachtmensen leven niet als twee afzonderlijke groepen naast elkaar in de maatschappij, maar iedereen werkt met hetzelfde ritme.

Waarschijnlijk vragen veel lotgenoten (nachtmensen) zich hetzelfde af. Wanneer komt er een einde aan de wekker-ellende en het oneindig slurpen van het donkere goedje dat koffie heet? Wanneer mogen wij ook (geoorloofd) siësta’s houden? Wij wachten deze dag met spanning af.

 

By Ailin Chou

GEEN REACTIES